Hoofdtekst
Beschrijving
In de buurt van de kapel woonde een man alleen in een huisje. Rond de boerderij van die man liep ’s nachts soms een grapjas met een wit laken, voor wie iedereen bang was. Na zeven uur durfde niemand nog op die plaats te komen.
Bron
V. Michiels-Lecock, Leuven, 1973
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
brabants (tienen)
3e
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Oorbeek   
