Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

RCELI0176_0177_685 - Jongeman vrijt met heks

Een sage (mondeling), 1954

Hoofdtekst

Daar was er ene die vrijde met een heks, maar daar wist hij niks van. Daar zaten nog een paar man bij. Het werd al laat en de mannen zegden: 'We gaan opstappen.' Maar die gong nog eens afscheid pakken achterom aan 't vensterke. Daar stond 'ne steen waar ge uw voet kost opzetten, wie ge dat eerder veel hadt aan die ouw huizen. Hij gaat daar op staan en hij klopt op het vensterke. Geen antwoord. Hij klopte nog al maar eens. Nog niks. En op den duur klopte hij zo hard dat de boel bekans door de keuken vloog. Toen kwam er iets af. 'Och', zei ze, 'ik dacht dat gij al lang door waart.' En daarmee vliegt hem een dikke zwarte kat in het gezicht. Die heeft nog al moeten taffelen om daar van af te komen. Dan stond hij voor een beek, dan voor een gracht. Hij kos bekans niet thuis komen: hij houwde en hij houwde maar - hij had zo 'nen tispel met 'ne koperen knop - maar hij houwde mertoe mis. In den tijd droegen ze nog stievels, met de broek er over, dat was allemaal passelijk gemaakt en dat hong allemaal vol beesterij. Toen hij thuis kwam, vertelde hij dat van die kat. Zijn vader zei hem: 'Kom af van waar ge wilt, maar altijd over onzen eigendom. En als de kat u door uw benen loopt, dan zegt ge maar 'poeske, wat is dat', en dan draagt ge maar tot het zweet u langs uw pens loopt, en laat alles met vree.'

Onderwerp

SINSAG 0608 - Andere Begegnungen mit Hexentieren.    SINSAG 0608 - Andere Begegnungen mit Hexentieren.   

SINSAG 0603 - Andere Begegnungen mit sprechenden Katzen.    SINSAG 0603 - Andere Begegnungen mit sprechenden Katzen.   

Beschrijving

Een jongeman die zijn vriendin was gaan opzoeken, bleef nog even praten met enkele jongens uit de buurt. Toen de jongens naar huis gingen, wilde de jongeman nog afscheid nemen van zijn vriendin. De jongeman klopte op de deur, maar het meisje deed niet open. Na luid op het raam te hebben gebonsd, hoorde de jongen een stem, die zei: "O, ik dacht dat je al lang weg was!". Daarop vloog er een dikke zwarte kat in zijn gezicht. Op de terugweg naar huis werd de weg voortdurend versperd door beken, grachten en rondlopende katten. Toen de jongen uiteindelijk toch was thuisgeraakt, vertelde hij het hele verhaal aan zijn vader. Zijn vader gaf hem de raad om voortaan al het kwade met rust te laten.

Bron

R. Celis, Leuven, 1954

Commentaar

2.1 Heksen
limburgs (bree en omstreken)
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Bree    Bree