Hoofdtekst
Treeze Devers, dat was een toverege, de menschen leien gewijgd onder nulder deure omdat ze niet ging binnen kunnen. Ze was ossan op route benachte en ze ging een keer met tween gaan visschen ’s nachts en ze kamen ze tegen en dien enen sloeg op neur hoofd, en ze zie “hum” maar ze koste nietend doen.
Beschrijving
Omdat in Stavele een toveres woonde, legden de dorpsbewoners allemaal iets gewijds onder hun deur. Op een nacht kwamen twee vissers de toveres tegen. Toen één van de vissers de toveres op het hoofd sloeg, mompelde deze laatste iets. De toveres heeft de vissers geen kwaad kunnen doen.
Bron
A.-M. Devynck, Leuven, 1965
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (franse grens)
328
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Stavele   
Plaats van Handelen
Stavele   
