Hoofdtekst
36B Mijn grootvader die zei eens dat er altijd ene kwam, en die had een veloursbroek aan. En dat was dan, die wreef tegeneen, hé als die ging. En dat was altijd "Pikt hem pakt hem, pikt hem pakt hem" zeiden ze. En die werd daar zo bang van. En die ging lopen van zichzelf. Die dacht dat de heksen achter hem zaten. En dat was gewoon die veloursbroek die tegeneen wreef aan die benen. Wat, ja.. .vanalles. Ik kan daar nu direct niet opkomen wat daar allemaal was.
Beschrijving
Een man die een fluwelen broek droeg, meende de hele tijd een stem te horen roepen: "Pak hem, pak hem, pak hem". De man liep bang weg in de veronderstelling dat er heksen achter hem aan zaten. In werkelijkheid hoorde de man enkel de wrijving van zijn broekspijpen.
Bron
A. Helsen, Leuven, 2001
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
antwerps (veerle)
36B
Grootvader van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Veerle   

