Hoofdtekst
36 G -Jaja, op de Molenhoek in Sint-Maria-Lierde, dat staat hier niet op hé (op de kaart)Dat haar moeder op Lierde woonde En die maakte de mensen wijs als ‘t er ieverans (ergens) één op sterven lag van die toverheksen - ze kosten (konden) niet sterven.I -Een heks kon niet sterven ?36 -Ze maakten zeur (zij) dat wijs.Der (er) moest een dochter of een zoon dat overpakken, verstaat ge dat ?I -Ja, ja.36 -Ze ôt(had) zij vaneigens. Dat was haar moeder hier.I -En die ander heks, die derde heks, wie was dat ook al weer ?36 -Ja maar, dat was ene die hier wat op de Klemhoutstraat liep. En ze woonde hier ook van.... op de Klemhoustraat maar die liep veel ‘s nachts en ‘s avonds op de boane (straat)I -In de kouters ook en zo ?36 -Ja.I -En hoe heette die ook al weer ?36 -Euh, Meetje Garde... Julien.Ja man, en dat maakte ze jongens wijs. En de jongens waren schou (bang) .I -En wat moesten ze thuis doen als een heks niet kon sterven of zo ?36 -Awel, ik zei het : d’er moest enen van de jongens, zusters of broers dat op heur (hun) pakken, dat ze zij die toverij voortzetten. Dat was ook allee, alles.I -Dat is niet waar, peinst ge36 -Dat waren ook allemaal gedachten van mensen, hé. Dat was allemaal de ongeleerdheid van de mensen hé, de mensen geloofden dat hé.
Beschrijving
Een toverheks kon niet sterven vooraleer één van haar kinderen haar toverkracht had overgenomen.
Bron
C. De Winne, Leuven, 1999
Commentaar
2.1 Heksen
oost-vlaams (groot-zottegem)
36G
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Erwetegem   
