Hoofdtekst
Die deden niks as stelen gaan de Bokkerijers. Met böum (= bomen) op koorden stieten ze de poort in voor stelen te gaan. Ze vlogen door de loch op ene bok, en as ze wisten at doa ereges een koe of e pjaad (= paard) verkoch(t) was, dan waren ze ddoa voor te stelen.
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
De bokkenrijders vlogen 's nachts door de lucht om te gaan stelen. Als ze wisten dat er ergens een koe of een paard was verkocht, dan gingen ze op die plaats stelen. Met bomen op koorden braken ze de poorten van de huizen open.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
4. Historische sagen
limburgs (tongeren en omstreken)
213
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Diets-Heur   
