Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

FBEER0098_0098_13512

Een sage (mondeling), donderdag 25 juli 2002

Hoofdtekst

Alfons: Ja, gij waart speciaal gekomen voor de heksen?- Ja, ik kwam vragen of u daar nog iets van weet...Marcel: Dan zullen we daar maar even over 'klappen' (praten). Ik wil u wel zeggen: heksen, in die tijd geloofden mensen daarin. Die waren er vast van overtuigd dat dat bestond, maar volgens mij heeft dat niet bestaan. Ten eerste: het waren bijna allemaal vrouwen die niet lezen of schrijven konden. Maar weet ge wat die deden? Zo een 'kleed' (jurk) of vier, vijf overeen aandoen, zo'n beetje raar gekleed, een mutske op de kop en een kat of vier bij. En dan gingen die zowat rond en zo kregen die de naam van een heks. Zaolke van Reynders daarachter, die had de naam van een heks. En Trees Deswarte.. .Maar Trees dat geloof ik toch niet, dat was zo maar...Maar Trees dat was echt 'een kwaai' (een lastige) eh. Godverdomme!Marcel: Bij Sus Quinten hebben ze daarmee iets aan de hand gehad zeker? Alfons: Ja, daar is vuur geweest.. .afgebrand...

Beschrijving

Vrouwen die van hekserij werden verdacht, konden meestal niet lezen of schrijven. Ze droegen verschillende jurken over elkaar en hadden een mutsje op hun hoofd. In die rare kleding liepen ze dan rond, vergezeld door vier of vijf katten. Na een tijdje vertelden de mensen over zo'n vrouw dat het een heks was.

Bron

F. Beerten, Leuven, 2003

Commentaar

2.1 Heksen
limburgs (groot-beringen)
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Koersel    Koersel