Hoofdtekst
Beschrijving
Onze Lieve Heer kwam een bedroefde vrouw tegen, die zei: “Van ’s morgens tot ’s avonds roepen de mensen naar mij: ‘zwarte Trien!’, ‘lelijke Trien!’ of ‘oude Trien!’”. Oud ben ik en lelijk ben ik ook, maar zwart ben ik niet, want ik was mij tweemaal per dag. Daarna sprak Onze Lieve Heer tot de vrouw: “Zal ik van jou eens een jonge vrouw maken?” Opgetogen stemde de vrouw toe. Onze Lieve Heer zei: “Wat verderop woonde een smid, die van oud ijzer nieuw kan maken. En ik zal van u een jonge vrouw maken”. De smid zag oude Trien arm in arm met met een jonge heer aankomen. Onze Lieve Heer vroeg aan de smid of hij tien minuten van zijn vuur en van zijn aambeeld gebruik mocht maken omdat hij van de oude vrouw een jonge wilde maken. De smid en zijn vrouw waren stomverbaasd, maar stemden toe. Onze Lieve Heer nam de vrouw en legde haar op het vuur. Met een klein hamertje klopte Onze Lieve Heer de kin van de vrouw weer rond en hij liet de rimpels verdwijnen. Toen hij klaar was, stak Onze Lieve Heer de vrouw in het water. Ze zag eruit alsof ze twintig jaar oud was. Iedereen was blij. Onze Lieve Heer vroeg de smid wat zijn schuld was, maar hij moest niets betalen. Daarop kwam de vrouw van de smid aangelopen en sprak tot haar man: “Waarom laat je van mij ook geen jonge vrouw maken? Ik ben nog maar zestig jaar, maar je zou toch meer aan mij hebben als ik nog maar twintig was”. Daarop zei de smid: “Zwijg. Ik kan ook wat die man net heeft gedaan”. De smid deed hetzelfde met zijn vrouw als wat Onze Lieve Heer met oude Trien had gedaan. Toen de vrouw daarna voor de spiegel zag staan, was ze echter zwart als rook. De vrouw gooide de spiegel neer en liep het bos in. Zij was de eerste zwarte mens die er ooit heeft bestaan. De smid had schoon water moeten nemen om zijn vrouw in af te spoelen, maar hij had het water gebruikt waarin Onze Lieve Heer Trien had afgespoeld.
Bron
D. Herbots, Leuven, 1974
Commentaar
7. Sprookjes
brabants (oosten)
166E
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Onze Lieve Heer   
Naam Locatie in Tekst
Halle   
