Hoofdtekst
Hier was ook ene de weerwolef tegengekomen, en die begon te zweten van de schrik, en he haalde zijne maalneusdoek uit voor 't zweet af te vegen, mè toen sprong die weerwolef op zijne maalneusdoek, hein! en die he(ef)t hem toen heel verscheurd. Ternoa zagen ze de roi vetse (= vezels) nog tussen zijn taan (= tanden) hangen; toen herkenden ze hem.
Onderwerp
SINSAG 0823 - Das zerbissene Tuch.   
Beschrijving
Een man die een weerwolf tegenkwam, begon te zweten van angst. Toen de man een rode zakdoek bovenhaalde om zijn zweet af te vegen, greep de weerwolf de zakdoek beet om hem helemaal te verscheuren. Wat later wist men wie de weerwolf was; men had de man namelijk herkend omdat hij de rode vezels van de zakdoek nog tussen zijn tanden had.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
1.6 Weerwolven
limburgs (tongeren en omstreken)
1003
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Millen   
