Hoofdtekst
Die waakt, slaapt.D'er was er ook ene en die zee dat hem nie bang was. "Komt dan bij ons maar is waken", zeien ze, "d'r komt altijd e spook bij ons." "As 't da maar is!", zei hem.En 's nachts: ze kwaam zo maar binnen en de deur die gong nie open en da zaag ie en ie kroop onder 't deksel.Ze zee tegen hem: "Die slaapt, die waakt", zei da spook en zij terug. Da was lijk e wijf: in mensengedaante. Z'hemmen da kotjen afgebroken; daar zagen z'ook altijd da ding.
Beschrijving
Een man die beweerde nergens bang voor te zijn, moest een nacht doorbrengen in een spookhuis. 's Nachts zag de man een spook binnenkomen hoewel de deur gesloten bleef. Bang kroop de man onder de deken. Daarop sprak het spook: "Wie slaapt, die waakt". Omdat het er bleef spoken, heeft men het huis uiteindelijk moeten afbreken.
Bron
M. Van den Berg, Leuven, 1955
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
antwerps (polders ten noorden van antwerpen)
103
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Zandvliet   
