Hoofdtekst
Onderwerp
SINSAG 0823 - Das zerbissene Tuch.   
Beschrijving
Een vroedvrouw werd 's nachts door haar vriend begeleid wanneer ze naar een vrouw moest, die in het kraambed lag. De duivels hebben macht van elf tot één uur. Onderweg sprak de vriend tot het meisje: "Ik moet even naar het toilet. Als je in die tijd iets zou tegenkomen, dan verdedig je je maar met je schaar". Toen wat verderop een hond kwam aangelopen, gooide de vroedvrouw haar schaar naar het beest. Daarna liep de hond weg en kon ze voort. Haar vriend kreeg ze die avond niet meer te zien. Toen de vroedvrouw de volgende dag door haar vriend werd opgehaald, zag ze dat de stukken van de schaar (?!) nog tussen de tanden van haar vriend staken. De jongen moest gaan spoken wanneer zijn tijd was aangebroken.
Bron
L. De Wit, Leuven, 1956
Commentaar
1.6 Weerwolven
antwerps (mechelen en omstreken)
213
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Zemst   
