Hoofdtekst
J’ed hij begunnen met e djakschge te pakken. En de boeren die nor de marten gingen deur’t bus vielten an. Van Brugge toet ol voren in Vrankrijk dat wos ol bus. Up ’t Verbrande, tusschen Zarren, Houthulst en Klerken, èn z’e boertje geplunderd. Z’èn zieder gildig ofgeranseld en olles gepakt.
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
Het eerste dat Bakelandt in zijn leven stal, was een paardenzweep.
Later vertoefde de rover in de bossen tussen Brugge en de Franse grens om boeren aan te vallen, die op weg waren naar de markt. Tussen Zarren, Houthulst en Klerken hebben de rovers een boer geplunderd.
Later vertoefde de rover in de bossen tussen Brugge en de Franse grens om boeren aan te vallen, die op weg waren naar de markt. Tussen Zarren, Houthulst en Klerken hebben de rovers een boer geplunderd.
Bron
S. Top, Leuven, 1964
Commentaar
4. Historische sagen
west-vlaams (vrijbos)
160A
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Bakelandt   
Bakelandt (bende van)   
bende van Bakelandt   
Naam Locatie in Tekst
Zarren   
