Hoofdtekst
In den tijd dat moeder naar de messe ging, stond er daar ’n oud kapelleke - ’n veldkapelleke - en als ze zilder naar de messe gingen, zaten er daar wel tiene, twintig katten. En ’t waren er die aldaar niet meer durfden gaan om naar de kerke te gaan, omdat ’t daar altijd spookte.Want ’t schijnt dat, als ge te dichte ging, dat die katten op u sprongen en ge was kapot: ze sleurden u daar in ‘ne put.
Onderwerp
SINSAG 0333 - Spuktier erschreckt Wanderer (und begleitet ihn).   
Beschrijving
Op de weg naar de kerk stond een oud veldkapelletje waar wel tien of twintig katten zaten. De mensen die naar de mis gingen, durfden daar niet meer voorbij te wandelen omdat die katten voorbijgangers in een put sleurden.
Bron
F. Van Houdenhove, Leuven, 1967
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (tussen schelde en leie)
159
Moeder van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Kaster   
