Hoofdtekst
Mij moeder die heeft den drosserd heel goed gekend. Daar werden veel fabels van verteld, zei ons moeder altijd, maar dat hij nie min was, dat zei ze toch ooch. Ich zal u nen anderen toer vertellen die ich gehoord heb van de mens die 't zelf meegemaakt heeft. Ich heb gesproken met ne knecht die daar woonde bij den drosserd. En 's morgens moesten die mannen vroeg inspannen. Die paarden moesten dan 'n uur op voorhand gevoerd worden, dat zij gereed waren als zij gereed waren. Nu, die lagen met twee in één bed. En den ene die stond op maar den andere bleef liggen en die lag zo wat met z'n dingen omhoog hé en die krijgt in ene keer toch ne slag dat hij opsprong en naar dien andere toe: 'Waarom moet gij mij zo slaan' zegt hij. Ja, maar dien andere die wist van niks. 'Dat heb ich nie gedaan.' Daar was niemand in de kamer te zien geweest. Dat heb ich horen vertellen van die 't zelf gebeurd was.
Onderwerp
SINSAG 0450 - Andere Tote spuken.   
Beschrijving
De twee knechten die in het huis van de drossaard woonden, sliepen in hetzelfde bed. De ene knecht bleef nog even in bed liggen, terwijl de andere al was opgestaan. Plots riep de knecht die nog in bed lag: "Waarom moet jij mij zo slaan!" De andere knecht wist echter van niets.
Bron
I. Kenens, Leuven, 1957
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (noord-west)
334
Moeder van de informant
fabulaat
Mathijs Clercx werd geboren in Eksel op 4 december 1759. Hij studeerde bij de Paters Augustijnen in Diest en trouwde in 1787 met Aldegonde Cornelis, met wie hij tien kinderen kreeg. Het graafschap Loon omvatte sinds het einde van de veertiende eeuw zes ambten, namelijk: Loon, Bilzen, Montenaken, Stokkem en Pelt. In de zestiende eeuw werden Grevenbroek en Thorn daar nog aan toegevoegd. De graaf van Loon stelde in elk van deze ambten een aantal vertegenwoordigers aan, waaronder een 'drossaard'. Een drossaard had zowel militaire, administratieve als rechterlijke macht. Mathijs Clercx werd op 29 maart 1790 door de Pinsbisschop aangesteld als luitenant-drossaard van het ambt Stockheim. De voornaamste taak van drossaard Clercx was het uitroeien van de bokkerijders. Tussen 1794 en 1840 verbleef Clercx op zijn landgoed 'het Hobos'. De drossaard stond niet enkel bekend als de man die de bokkerijders had uitgeroeid, maar ook als een brutale, gewetenloze en onrechvaardige rechter, die vaak ongeoorloofd brutaal optrad tegenover iedereen die iets had mispeuterd.
(uit IKENE0247- 248)
(uit IKENE0247- 248)
Naam Overig in Tekst
Clercx   
drossaard Clercx   
Naam Locatie in Tekst
Kaulille   
