Hoofdtekst
Onderwerp
SINSAG 0823 - Das zerbissene Tuch.   
Beschrijving
Een meid die in Waanrode werkte, ging naar de kermis met haar vriend. Op de weg naar huis sprak de jongen tot het meisje: “Als je een beest zou tegenkomen, gooi dan deze zakdoek in zijn muil. Ik moet even een boodschap doen”. Even later zag het meisje een grote zwarte hond en gooide de zakdoek in de muil van het dier. Bij haar thuiskomst zag het meisje dat haar vriend de stukken van de zakdoek tussen zijn tanden uit trok. Hij was een weerwolf.
Bron
M. Houtmeyers, Leuven, 1957
Commentaar
1.6 Weerwolven
brabants (diest en omstreken)
313
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Waanrode   
Plaats van Handelen
Waanrode   
