Hoofdtekst
Te Marialoop stoat een kapelle. Er kwam doa nen joengen here gereen te peerde. Oet ne hoolverwege het bus kwam, wilde zien peerd niet meer weg, er stond daar nen leeuw. Je beloofde an O.L.Vr. dat ne een kapelle gienk bouwen oet ne er levend utkwam. De leeuw was olmetnekeer weg. En je bouwde doa een kapelle.
Beschrijving
Een jongen die te paard door het bos reed, zag tot zijn grote schrik een leeuw staan. De jongen beloofde aan Onze-Lieve-Vrouw dat hij een kapelletje zou bouwen als hij het er levend zou van af brengen. Plots was de leeuw verdwenen. De jongen bouwde een kapelletje in Marialoop.
Bron
R. Callens, Leuven, 1968
Commentaar
5. Sagen - Legenden
west-vlaams (tielt en izegem)
451
fabulaat
Naam Overig in Tekst
kapel Marialoop   
Marialoop (kapel)   
Naam Locatie in Tekst
Oostrozebeke   
