Hoofdtekst
Op in kear doe frege dûmny op fragelearen oan in jonge: "Wie zijn de zonen van Noach?"
De jonge wist it net.
"Kijk eens," sei de dûmny, "de molenaar van het dorp heeft drie zonen: Jan, Piet en Klaas. Wie is nu de vader van Jan, Piet en Klaas?"
"De molenaar, dûmny."
"Juist. Vertel nu eens even, wie is de vader van Sem, Cham en Jafet?"
"De molenaar; de molenaar van 't dorp, dûmny."
De jonge wist it net.
"Kijk eens," sei de dûmny, "de molenaar van het dorp heeft drie zonen: Jan, Piet en Klaas. Wie is nu de vader van Jan, Piet en Klaas?"
"De molenaar, dûmny."
"Juist. Vertel nu eens even, wie is de vader van Sem, Cham en Jafet?"
"De molenaar; de molenaar van 't dorp, dûmny."
Onderwerp
VDK 1810E* - "Wie was de vader van de zonen van Noach?"   
Beschrijving
Dominee vraagt vergeefs aan jongen wie de zonen van Noach zijn. Hij weet wel het antwoord op de vraag wie de vader van Jan, Piet en Klaas, drie zonen van de molenaar, is. Op de vraag wie de vader van Sem, Cham en Jafet is, antwoordt de jongen dat de molenaar de vader is.
Bron
Collectie Jaarsma, verslag 176, verhaal 7 (Archief Meertens Instituut)
Commentaar
2 april 1967
"Wie was de vader van de zonen van Noach?"
Naam Overig in Tekst
Noach   
Sem   
Jafet   
Jan   
Piet   
Klaas   
Naam Locatie in Tekst
Cham   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
