Hoofdtekst
Stanie Theunissen heeft mech dat verteld. In Diepenbeek koem de werewolf altijd bij de geburen van Hari Theunissen zijn ouders. En als ze brood bakten dan kosten ze den oven nie aanhouden. De werewolf koem neven den oven door en dan goenk het vuur uit. Dat was ene mens van Diepenbeek die terugkoem (na zijnen dood) voor de mensen te plagen. Toen hadden ze e groot vuur gestookt in een wei omdat er altijd op dat vuur aankoem, maar ze kosten hem nie vangen. Toen ze hem dan toch te weten gekomen waar zijn vel stak (sic). Ze deden den oven aan en weer was het vuur uit. Te langen liste hebben ze het vel aangestookt en toen was het gedaan met dat terugkomen.
Onderwerp
SINSAG 0824 - Die verbrannte Haut (Gurt, Halsband)   
Beschrijving
In Diepenbeek dwaalde een weerwolf rond, die de mensen plaagde. Die weerwolf was in feite een teruggekeerde dode. Wanneer de weerwolf voorbij een oven liep, ging het vuur uit. Nadat men het vel van de weerwolf had verbrand, zag men het beest niet meer.
Bron
W. Jackers, Leuven, 1958
Commentaar
1.6 Weerwolven
limburgs (bilzen)
530
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Beverst   
Plaats van Handelen
Diepenbeek   
