Hoofdtekst
Pater Joestens koste dadde goed. ’t Brandde gunder up de Westhoek, hoe noemde dien boer nu were, die daar weunde, ’t komme up den name niet meer, maar allè, ’t wos een grote boerderij, en ze ging helegans upbranden, en z’hèn rap paster Joestens gaan halen, en den deen hèd dat afgelezen en de wind keerde.
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
Beschrijving
Toen in Zonnebeke een boerderij in brand stond, ging men snel de pastoor halen. De geestelijke deed de wind draaien, zodat de vlammen geen verdere schade konden aanrichten.
Bron
M. Reynaert, Leuven, 1965
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (ieper)
321
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Zonnebeke   
Plaats van Handelen
Zonnebeke   
