Hoofdtekst
I: Maar ze deden dikwijls zelf ook iets om de mensen schrik aan te jagen. Dan gingen ze daar ergens zitten achter een haag of iets, met een wit laken over hun voor de mensen bang te maken.A: Ja, dat is waar.I: Want ik heb horen zeggen, in Klein-Gelmen straat […] daar is van ze leven ooit ene doodgehouwd (doodgeslagen). Want ik heb daar ooit altijd een kruis zien staan in die dijk, dat ik zeg: ‘Hier moet iemand verongelukt zijn, dat ze daar zo een [onverstaanbaar] kruis zetten’. En daarna heb ik horen zeggen dat ze daar éne doodgehouwd (doodgeslagen) hadden, die de mensen kon bang maken ’s avonds. Die (de mensen) kwamen door die diepe straat (holle weg) af en dan die met z’n laken of iets…awel en dat was ene zeker die gekapt had van schrik of iets met een haak of ik weet niet wat. Toen was die man dood.
Beschrijving
In een holle weg in Klein-Gelmen liep 's avonds een grapjas rond met een laken over zijn hoofd om de mensen bang te maken. Op een dag werd de man door iemand doodgeslagen. Daarna heeft men op die plaats een kruis gezet.
Bron
G. Verdickt, Leuven, 2002
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (zuiden)
V24
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Voort   
Plaats van Handelen
Klein Gelmen   

