Hoofdtekst
Biechtvader geeft raad.In den tijt ginge de meskes wassen en da gebeurde ’s nachs en dan moste ze laot deurgaon en der was hier e meske en da wier aongerand en da gebeurde zoë al ne giëlen tijt en ze zaa da aon heuren biechtvader en die zaa: “As ge wilt wete wie datta es nemtan ne groëte roëe zakdoek mee en zwaaitië veur aa uit assij komt” en zaa deeta.En ’s anderendougs kwam eure vrijer en dien aa vezels van die roëe zakdoek tussen zaan tande.
Onderwerp
SINSAG 0823 - Das zerbissene Tuch.   
Beschrijving
Een meisje dat 's avonds bij een familie de was ging doen, kwam altijd laat naar huis. Op een dag vertelde het meisje aan haar biechtvader dat ze op haar weg naar huis vaak werd aangerand. Van de geestelijke kreeg het meisje de raad om de volgende keer een grote rode zakdoek mee te nemen en die naar haar belager te gooien. Het meisje volgde deze raad op. Toen haar vriend de volgende dag op bezoek kwam, zag het meisje dat de jongen de vezels van de rode zakdoek tussen zijn tanden had.
Bron
H. Verherstraeten, Leuven, 1970
Commentaar
1.6 Weerwolven
oost-vlaams (noordelijk waasland)
288
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Melsele   
