Hoofdtekst
Daar kwam 'ne mens van Bree af en die gong de Bocholterstraat na, dat was toen de weg. Daar was toen een boerengeleeg en daar waren ze bezig toen hij doorkwam. Hij verborg zich in een haag en hij telde er dertig. Die hadden een teken, die bokkerijers. Aan den ingang zetten ze een mes. daar moest er ene bij blijven en dat in 't oog houden.Als dat begos te bibberen dan gongen ze weg, dan was er verraad.
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
SINSAG 0688 - Der Zauberspiegel   
Beschrijving
Een man die door de Bocholterstraat terugkwam van Bree, verborg zich snel in een haag toen hij dertig bokkenrijders een boerderij zag leegroven. De man had de bokkenrijders herkend aan een bepaald teken. Eén van de rovers moest buiten de wacht houden met een emmer water waaraan een mes was bevestigd. Als het mes begon te trillen, moesten ze er als de bliksem vandoor, want dan had iemand hen verraden.
Bron
R. Celis, Leuven, 1954
Commentaar
2.2 Tovenaars
limburgs (bree en omstreken)
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Beek   
Plaats van Handelen
Bocholterstraat   
Bree   
