Hoofdtekst
Variant.Mijn peetje is eens van d’alf geleid gelijk als hij naar zijn werk ging op een morgen. Op een bepaald moment begost hij altijd rond te lopen. Hij kwam altijd op dezelfde plaats weer. Hij zei dan alzo: “Ik stond daar en ik wist waar dat ik stond, en ik zeg in mijn eigen: “Ik weet dat ik al ginder moet gaan en ik ga al ginder maar ik kwam weer op dezelfde plaats uit.” Er moet daar dan een gebuur voorbijgekomen zijn en die heeft hem de weg gewezen.
Beschrijving
Een man die op een ochtend naar zijn werk ging, raakte verdwaald en belandde telkens opnieuw op dezelfde plaats. Toen er een buurman voorbijkwam, werd de man door die persoon naar de juiste weg geleid.
Bron
P. Henderickx, Leuven, 1959
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
oost-vlaams (tussen schelde en dender)
118
Peter van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Vlierzele   
