Hoofdtekst
Rik van Nand en ik waren ‘ne keer an ’t stroopen op de kogelshei. ’t Was pikdonkere nacht als we terug naar huis kwamen. We waren juist aan de kruisbaan, aan Fien van den Baron, toen Rik me stilhield: "Licht eens Frans, me dunkt dat ik iets aardigs aan mijn beenen voel, een beest of zoo iets;" ik richtte daarop den lichtbak naar Rik z’n beenen: ’t was een groote magere kater die langs zijn beenen streelde, en voortdurend rond hem draaide. Het beest bleef maar draaien en keren; "zoo’n kat is nog al menschachtig" zei ik toen. Maar in alle geval we wilden de kat kwijt zijn; wat konden we op zoo’n uur met ‘ne kater doen. Rik joeg er achter, stampte er naar, maar de kat was niet weg te slaan. "’t Zal een heks zijn" dachten we allebei. We gingen ondertusschen een heel eind verder het veld in tusschen Jan van Door en die Boerderij daar in ’t veld, om te zien of er geen wild te schieten was, maar de kat liep Rik zoodanig onder de voeten en bleef maar langs alle kanten zich tusschen zijn beenen wringen dat hij op ’t laatste kwaad werd; hij richtte zijn geweer: "Als ge niet maakt dat ge wegkomt, verdomsche kater, schiet ik u kapot!!"En op den slag was de kater weg, hoe wonderlijk het ook mag schijnen!
Onderwerp
SINSAG 0608 - Andere Begegnungen mit Hexentieren.
  
Beschrijving
Frans en Rik waren gaan stropen op de Kogelshei. Toen de twee mannen 's nachts bij het kruispunt kwamen, waar Fien V.D.B. woonde, voelde Rik een grote magere kater langs zijn benen wrijven. Omdat de mannen er niet in slaagden de kater te verjagen, vermoedden ze dat het dier een heks was. De mannen gingen verder terwijl de kater hen de weg bleef versperren. Na een tijdje riep Rik geërgerd: "Als je nu niet maakt dat je wegkomt, verdomde kater, dan schiet ik je dood!" Het volgende ogenblik was de kater verdwenen.
Bron
D. Truyen, Leuven, 1946
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (noorden)
memoraat
Naam Overig in Tekst
Frans
Rik
Rik
Naam Locatie in Tekst
Kerkhoven   
Plaats van Handelen
Kogelshei (Kerkhoven?)   
