Hoofdtekst
Onderwerp
SINSAG 0823 - Das zerbissene Tuch.   
Beschrijving
Een meisje wandelde op een zondagavond samen met haar vriend naar huis. De twee waren nog maar net bij het huis van de jongen vertrokken, of hij sprak al: “Ik moet meteen terug naar huis. Ga jij al maar voort. Als er een hond in je buurt zou komen, gooid an een zakdoek naar zijn muil en dan zal hij je geen kwaad doen”. Toen het meisje inderdaad een hond tegenkwam, deed ze wat haar vriend haar had aangeraden. De volgende dag zag het meisje haar vriend opnieuw. Ze zag dat hij de vezels van haar zakdoek tussen zijn tanden had. Die jongen was lodder met zijn ketting.
Bron
V. Michiels-Lecock, Leuven, 1973
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
brabants (tienen)
1a
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Lodder met zijn ketting   
Naam Locatie in Tekst
Hakendover   
