Hoofdtekst
In mijn tijd waren er twee die de naam hadden van toveres. En de mensen waren er allemaal bang van. De ene had rare manieren, als er ergens een kind geboren werd. Ze trok er naar toe met een ruiker bloemen. Kwam er iets aan ’t kind: ’t was betoverd.X: Hoe heette ze?Ze heette Sylvie Verloo. Ze zat soms in de haag en ze liep overal. De andere heette Pliesta de Masenare. En Gories Mie haar zuster ook: dat was Trevenie.
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
In Nederename woonden twee vrouwen die ervan werden verdacht toveressen te zijn. Iedereen was bang voor die vrouwen. Wanneer er ergens een kind was geboren, ging de vrouw met een ruiker bloemen op kraambezoek. Daarna geloofde men dat het kind was betoverd.
Bron
L. D'haeze, Leuven, 1975
Commentaar
2.1 Heksen
oost-vlaams (zuiden)
165D
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Nederename   
Plaats van Handelen
Nederename   
