Hoofdtekst
9 R En mijn nonkel, ah in mijn moeder haren thuis ook, die ôn (hadden) ze een steenput, waar dan ze zo, met een katrol, ik weet niet of dat ge dat nog gezien hebt, zo een waterput zo hé. En mijn grootvader die was naar zijn land gereden, naar de kouter zeiden wij hé, met zijn kruiwagen en nonkel René die zat op zijn kruiwagen. En d’er kwam daar een vrouw bij hem en “Hé, Polliet,” zei ze, “zo schoon kindje dat gij hebt!” zegt ze. En dat kindje zat zo te kijken hé en ze ging er een keer aan en ’t deed van den dienen, ’t liet zijn kop hangen. “Wat is dat?” zei hij (grootvader), “heeft die kleine iets gekregen of zo?” Met den anderen maar thuns (toen) die mensen peinsden dat dat altijd toveren was hé, die vrouw, da’k daar van sprak, die hij daar tegengekomen was hé, die ôt (had) de naam van toveren en binst den dag zo kwam ze daar weer achter water en mijn grootvader, maar mijn grootvader was pertang maar een klein mannetje, hij ging ernaar toe, hij pakte ze bij haar hals en vanachter bij haar gat hé en hij droeg ze zo met hare kop zo over die put hé en hij zei: “Als ge nu niet en ontdoet wat dat ge gedaan hebt dan laat ik u vallen!” zei hij. “Polliet, ’t zal gedaan zijn!” zei ze en ’t was gedaan.En was dat hier ook, op…?Dat was in Hesel (Herzele).En hoe heette die vrouw?’t Was in Herzele.Hoe heette die vrouw?Ah, dat en weet ik niet, dat een weet ik niet. Maar dat kind dat was mijn nonkel, nonkel Né, nonkel René, die vader dat was mijn grootvader.
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Een boer uit Herzele die met zijn kruiwagen naar het veld reed en zijn zoontje op de kruiwagen had gezet, kwam een vrouw tegen, die zei: "Hé, wat een mooi kindje heb jij!" Even later liet het kindje zijn hoofd hangen. Men vermoedde dat de vrouw het kind had betoverd. Toen die vrouw later op de dag op de boerderij water kwam halen, greep de boer haar bij de hals en duwde haar over de rand van de waterput met de woorden: "Als je niet niet ongedaan maakt wat je hebt gedaan, dan laat ik je vallen". De vrouw antwoordde bang: "Het zal gedaan zijn!" Daarna was het kind inderdaad genezen.
Bron
C. De Winne, Leuven, 1999
Commentaar
2.1 Heksen
oost-vlaams (groot-zottegem)
9R
Grootvader van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Grotenberge   
Plaats van Handelen
Herzele   
