Hoofdtekst
"DE INGEBRANDE HAND."
"Al bleef dan ook ons dorp Nieuwnamen verder bespaard voor uiteenspattende vuurbollen, helemaal vrij van vreemde gebeurtenissen zijn we toch niet gebleven.
Een kennis van mij, een zekere Louis de Graaf, een grossier in koloniale waren bij ons op het dorp, een man van wat gevorderde leeftijd, deed mij kortelings een verhaal, dat voorzeker de moeite van het vertellen waard is.
Ook deze geschiedenis moet lang geleden zijn voorgevallen, zeker nog wel vóór de eeuwwisseling.
Er woonde in de richting van de Arembergstraat, die naar "het Belgse" voert, een rijken boer op een grote boerderij. Wijd en zijd stond hij bekend als een, die erg "op z 'n geld zat". Zijn vrouw had, zo zei men, bij hem geen al te prettig leven; ook had hij enkele kinderen, jongens en meisjes, die - ook voor die tijd - erg "kort" werden gehouden.
Kortom, geen prettig mens, die dan ook weinig sympathie genoot van zijn buren en dorpsgenoten.
Jammer genoeg ben ik niet geheel zeker van zijn achternaam, maar dat speelt ook verder eigenlijk geen rol.
De vrouw van deze vrekkige boer dan, werd op zekere keer ernstig ziek en na te zijn voorzien van de Heilige Sacramenten, wist zij, geheel bij kennis, van haar man de belofte te verkrijgen, dat hij na haar dood Heilige Missen zou doen opdragen voor haar zieleheil en Verlossing. De boer, die toch wel was aangegrepen door het sterven van zijn vrouw had dan ook aanvankelijk het stellige voornemen, de gedane belofte na te komen.
Helaas, zoals dit wel meer gaat, een tijdje na het overlijden van zijn vrouw, toen de boer al een paar keren zijn voornemen, de H. Missen te doen opdragen, had uitgesteld en hij wat over het verlies begon heen te komen, kwam, zoals ook dit zo vaak gebeurt, van uitstel - afstel en dacht de boer er eigenlijk helemaal niet meer over, z 'n belofte na te komen.
't Was op een late winteravond, misschien een jaar na het sterven van zijn vrouw, dat de boer, die nog alleen in de woonkamer zat - dekinderen lagen reeds lang te bed - dat hij een eigenaardig geluid hoorde tegen een tussendeur van een aangrenzende kamer. Een soort van zacht geklop! Hij stond op om te zien wat er gaande was. Bij de deur gekomen werd het kloppen heftiger en zacht klonk een stem, die hij als die van zijn overleden vrouw herkende, die hem dwingend vroeg: "Waar blijven mijn Zielemissen; denk aan wat ge mij hebt beloofd!"
De boer schrok danig en trillend sprak hij, dat hij er voor zorgen zou dat ze werden opgedragen.
Maar ach, spoedig daarna begon hij te twijfelen, hij dacht: "ik zal het me verbeeld hebben!" En deze gierige mens, die, dat weet men, voor de Missen zou hebben moeten betalen, liet wederom na, z n belofte gestand te doen.
Niet heel lang daarna echter, t was nog vroeg in 't voorjaar, als hij weer alleen 's avonds bij twaalven nog, in z 'n woonkamer zit, klinkt luid een kloppen op de deur en wederom, maar nu dreigend, klinkt de stem der vrouw door de kamer, die hem opnieuw herinnert aan wat hij haar op haar sterfbed beloofde.
"Och," zegt de boer, "'k zal veel voor U bidden, dat zal U toch ook helpen! Maar als hij dit heeft gezegd, staart hij ontzet naar de deur, waarop nog steeds wordt geklopt en ziet hij daar boven op het houten paneel een hand, als ingebrand verschijnen. De boer, nu half gek van angst, belooft alles wat hij beloven kan en heeft hierna inderdaad vele Missen doen opdragen.
Maar wonder genoeg, wat hij ook probeerde, de afdruk van de verbrande hand boven de deur heeft hij nimmer kunnen verwijderen. Noch overschilderen, noch wegkrabben hielp hem. Zelfs het inzetten van een nieuw paneel bleek vruchteloos! Ook daarop werd weder de hand zichtbaar.
Louis wist mij te vertellen, zegt vanRuijmbeke, dat de boer, die het voorval wel niet voor z 'n eigen kinderen kon verbergen, het zeker niet aan zijn weinige vrienden wilde bekennen. Hij heeft een hoge kast voor de deur doen plaatsen en de deur zelve voor altijd buiten gebruik gesteld.
Pas na zijn dood, toen men de kast verwijderde, bleek de ingebrande hand te zijn verdwenen.
"Al bleef dan ook ons dorp Nieuwnamen verder bespaard voor uiteenspattende vuurbollen, helemaal vrij van vreemde gebeurtenissen zijn we toch niet gebleven.
Een kennis van mij, een zekere Louis de Graaf, een grossier in koloniale waren bij ons op het dorp, een man van wat gevorderde leeftijd, deed mij kortelings een verhaal, dat voorzeker de moeite van het vertellen waard is.
Ook deze geschiedenis moet lang geleden zijn voorgevallen, zeker nog wel vóór de eeuwwisseling.
Er woonde in de richting van de Arembergstraat, die naar "het Belgse" voert, een rijken boer op een grote boerderij. Wijd en zijd stond hij bekend als een, die erg "op z 'n geld zat". Zijn vrouw had, zo zei men, bij hem geen al te prettig leven; ook had hij enkele kinderen, jongens en meisjes, die - ook voor die tijd - erg "kort" werden gehouden.
Kortom, geen prettig mens, die dan ook weinig sympathie genoot van zijn buren en dorpsgenoten.
Jammer genoeg ben ik niet geheel zeker van zijn achternaam, maar dat speelt ook verder eigenlijk geen rol.
De vrouw van deze vrekkige boer dan, werd op zekere keer ernstig ziek en na te zijn voorzien van de Heilige Sacramenten, wist zij, geheel bij kennis, van haar man de belofte te verkrijgen, dat hij na haar dood Heilige Missen zou doen opdragen voor haar zieleheil en Verlossing. De boer, die toch wel was aangegrepen door het sterven van zijn vrouw had dan ook aanvankelijk het stellige voornemen, de gedane belofte na te komen.
Helaas, zoals dit wel meer gaat, een tijdje na het overlijden van zijn vrouw, toen de boer al een paar keren zijn voornemen, de H. Missen te doen opdragen, had uitgesteld en hij wat over het verlies begon heen te komen, kwam, zoals ook dit zo vaak gebeurt, van uitstel - afstel en dacht de boer er eigenlijk helemaal niet meer over, z 'n belofte na te komen.
't Was op een late winteravond, misschien een jaar na het sterven van zijn vrouw, dat de boer, die nog alleen in de woonkamer zat - dekinderen lagen reeds lang te bed - dat hij een eigenaardig geluid hoorde tegen een tussendeur van een aangrenzende kamer. Een soort van zacht geklop! Hij stond op om te zien wat er gaande was. Bij de deur gekomen werd het kloppen heftiger en zacht klonk een stem, die hij als die van zijn overleden vrouw herkende, die hem dwingend vroeg: "Waar blijven mijn Zielemissen; denk aan wat ge mij hebt beloofd!"
De boer schrok danig en trillend sprak hij, dat hij er voor zorgen zou dat ze werden opgedragen.
Maar ach, spoedig daarna begon hij te twijfelen, hij dacht: "ik zal het me verbeeld hebben!" En deze gierige mens, die, dat weet men, voor de Missen zou hebben moeten betalen, liet wederom na, z n belofte gestand te doen.
Niet heel lang daarna echter, t was nog vroeg in 't voorjaar, als hij weer alleen 's avonds bij twaalven nog, in z 'n woonkamer zit, klinkt luid een kloppen op de deur en wederom, maar nu dreigend, klinkt de stem der vrouw door de kamer, die hem opnieuw herinnert aan wat hij haar op haar sterfbed beloofde.
"Och," zegt de boer, "'k zal veel voor U bidden, dat zal U toch ook helpen! Maar als hij dit heeft gezegd, staart hij ontzet naar de deur, waarop nog steeds wordt geklopt en ziet hij daar boven op het houten paneel een hand, als ingebrand verschijnen. De boer, nu half gek van angst, belooft alles wat hij beloven kan en heeft hierna inderdaad vele Missen doen opdragen.
Maar wonder genoeg, wat hij ook probeerde, de afdruk van de verbrande hand boven de deur heeft hij nimmer kunnen verwijderen. Noch overschilderen, noch wegkrabben hielp hem. Zelfs het inzetten van een nieuw paneel bleek vruchteloos! Ook daarop werd weder de hand zichtbaar.
Louis wist mij te vertellen, zegt vanRuijmbeke, dat de boer, die het voorval wel niet voor z 'n eigen kinderen kon verbergen, het zeker niet aan zijn weinige vrienden wilde bekennen. Hij heeft een hoge kast voor de deur doen plaatsen en de deur zelve voor altijd buiten gebruik gesteld.
Pas na zijn dood, toen men de kast verwijderde, bleek de ingebrande hand te zijn verdwenen.
Onderwerp
SINSAG 0402 - Die versäumte Wallfahrt (Messe, Gabe)   
Beschrijving
Dode keert terug na niet nakomen van belofte om missen op te dragen; verschijnen van onuitwisbare ingebrande hand.
Bron
Collectie De Vries, verslag 7, verhaal 3 (Archief Meertens Instituut)
Naam Overig in Tekst
Louis de Graaf   
Arembergstraat   
Naam Locatie in Tekst
Nieuwnamen   
Plaats van Handelen
Nieuw Namen   
