Hoofdtekst
Verzonken kasteel:
Bij de Grote Bedelaar, tussen Heythuijzen en Horn, is een diepe poel. Daar stond vroeger een mooi kasteel, waarin een hartvochtige heer woonde. Op een Kerstnacht belde daar een haveloze zwerver om eten en nachtverblijf. Hij werd afgewezen, en stierf buiten van kou en uitputting. Het kasteel verzonk met zijn bewoners op hetzelfde moment in een bodemloze poel. In de Kerstnacht luiden in die poel nog de klokken.
Geen omzetting in dialect van het verhaal door Engels.
Bij de Grote Bedelaar, tussen Heythuijzen en Horn, is een diepe poel. Daar stond vroeger een mooi kasteel, waarin een hartvochtige heer woonde. Op een Kerstnacht belde daar een haveloze zwerver om eten en nachtverblijf. Hij werd afgewezen, en stierf buiten van kou en uitputting. Het kasteel verzonk met zijn bewoners op hetzelfde moment in een bodemloze poel. In de Kerstnacht luiden in die poel nog de klokken.
Geen omzetting in dialect van het verhaal door Engels.
Onderwerp
SINSAG 0980 - Der Glockenpfuhl.   
SINSAG 1141 - Das versunkene Schloss. Schlechter Ritter von der Erde verschluckt.   
TM 2607 - De bodemloze put of poel   
Beschrijving
Na weigeren van hulp aan zwerver in de kerstnacht verzinkt kasteel in een bodemloze poel, en luiden de klokken in de kerstnacht.
Bron
Collectie Engels, verslag 21, verhaal 10 (Archief Meertens Instituut)
Naam Overig in Tekst
Grote Bedelaar   
Naam Locatie in Tekst
Heythuijzen   
Horn   
