Hoofdtekst
Het leevendigh Corpus Iuris.
Zekere Iuffrou, hartzeer hebbende, dat haer Man, meer boeckachtigh, dan doekachtigh om sijn hert was, ontboodt haer Moeder eens, juyst als hy in sijn study besigh was, De selve daer komende, klaeghde haer de Iuffrouw, dat'er Man so koel van haer was, en liever in sijn studoor alleen, dan op het bedde [p. 19] by haer was: waer op de Moeder met haar Dochter by hem komende, vraeghde hem, waer hy in studeerde? Ick heb hier, antwoorde hy, het Corpus Iuris, dat meen ick eens uyt te leezen. De Moeder hier op, lichte haer Dochter de rocken op, en klonck haer voor de billen, segghende: Dit is het Corpus Iuris, daer soudt ghy in studeeren.
Zekere Iuffrou, hartzeer hebbende, dat haer Man, meer boeckachtigh, dan doekachtigh om sijn hert was, ontboodt haer Moeder eens, juyst als hy in sijn study besigh was, De selve daer komende, klaeghde haer de Iuffrouw, dat'er Man so koel van haer was, en liever in sijn studoor alleen, dan op het bedde [p. 19] by haer was: waer op de Moeder met haar Dochter by hem komende, vraeghde hem, waer hy in studeerde? Ick heb hier, antwoorde hy, het Corpus Iuris, dat meen ick eens uyt te leezen. De Moeder hier op, lichte haer Dochter de rocken op, en klonck haer voor de billen, segghende: Dit is het Corpus Iuris, daer soudt ghy in studeeren.
Beschrijving
Een vrouw vindt dat ze te weinig aandacht van haar man krijgt, omdat hij meer interesse in zijn boeken heeft. Ze vraagt haar moeder om raad. Zij raadt de schoonzoon aan niet in het Corpus Iuris te lezen, maar het Corpus Iuris van zijn vrouw te bestuderen.
Bron
Jan Pietersz. Meerhuysen, De geest van Jan Tamboer of Uytgeleeze stoffe voor de klucht-lievende ionckheydt, Amsterdam, 1659, drie delen
Commentaar
1659
Naam Overig in Tekst
Corpus Iuris   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:22
