Hoofdtekst
Vraagh en antwoorde.
Een die hem ordinaarts droncken dronck, sag dat een synder Buren de wal reporeerde, wijl de plancken, en schut-balcken, door langh verloop des tijdts, al wech ghedreven en [p. 49] afgerot waren vraghde al spottende: Wel waer toe die hoogheyt, dat gy de Wal soekt te vergrooten, en de Borgwal of water loop te verkleynen: 't Gheschiet, Buurman, antwoorde den anderen, om als ghy of een ander, 't avonds droncken t' huys komt, te meer soud bevrijd zijn, van in het water te loopen, en of ghy noch evenwel de wal missliept soo licht niet verdrincken soudt: 'k Laet den vraegh siecken selver oordeelen, hoewel dit, antwoort op so een vraeg te passe quam: en gedencken, dat, die vraegt, sijn antwoort te verwachten heeft.
Een die hem ordinaarts droncken dronck, sag dat een synder Buren de wal reporeerde, wijl de plancken, en schut-balcken, door langh verloop des tijdts, al wech ghedreven en [p. 49] afgerot waren vraghde al spottende: Wel waer toe die hoogheyt, dat gy de Wal soekt te vergrooten, en de Borgwal of water loop te verkleynen: 't Gheschiet, Buurman, antwoorde den anderen, om als ghy of een ander, 't avonds droncken t' huys komt, te meer soud bevrijd zijn, van in het water te loopen, en of ghy noch evenwel de wal missliept soo licht niet verdrincken soudt: 'k Laet den vraegh siecken selver oordeelen, hoewel dit, antwoort op so een vraeg te passe quam: en gedencken, dat, die vraegt, sijn antwoort te verwachten heeft.
Beschrijving
Een dronken man ziet zijn buurman een stuk verrotte wal repareren en vraagt spottend waarom hij dat doet. De buurman antwoordt dat hij het voor hem doet, zodat hij met zijn zatte kop minder snel in het water zal lopen.
Bron
Jan Pietersz. Meerhuysen, De geest van Jan Tamboer of Uytgeleeze stoffe voor de klucht-lievende ionckheydt, Amsterdam, 1659, drie delen
Commentaar
1659
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:22