Hoofdtekst
Een Bruydt, die Vryster noch weeuw was.
Zeecker Snaack, met zijn Bruyt in de Consistory komende, om opgerekent te worden, wiert ghevraeght; Wat is u Bruyt, een Vryster? Neen zy, antwoordde hy. De Commissaris vorderende, vraeghde, Is t eenWeeuvv? Den holbolligen Bruygom antwoorde weder, Neen. d' Examineerder, hervattende, vraegde wederom; Hoe sal ic-se dan opschryven! d Ander met een effen aensicht, seyde: Schryft een beproefde Maegt. Hebben doen de vergaderde Commiszarisen haer sonder lacchen, en de Bruydt sonder schaemte konnen houden, soo kan ick mijn breyn van gedachten ontblooten. 't Is kennelick, dat den Bruygom de raad van den Mosselman heeft na gevolght, Proef eerje koop.
Zeecker Snaack, met zijn Bruyt in de Consistory komende, om opgerekent te worden, wiert ghevraeght; Wat is u Bruyt, een Vryster? Neen zy, antwoordde hy. De Commissaris vorderende, vraeghde, Is t eenWeeuvv? Den holbolligen Bruygom antwoorde weder, Neen. d' Examineerder, hervattende, vraegde wederom; Hoe sal ic-se dan opschryven! d Ander met een effen aensicht, seyde: Schryft een beproefde Maegt. Hebben doen de vergaderde Commiszarisen haer sonder lacchen, en de Bruydt sonder schaemte konnen houden, soo kan ick mijn breyn van gedachten ontblooten. 't Is kennelick, dat den Bruygom de raad van den Mosselman heeft na gevolght, Proef eerje koop.
Beschrijving
Een man moet zijn bruid omschrijven en noemt haar een 'beproefde maagd'. Hij had het advies 'proef eer je koopt' opgevolgd.
Bron
Jan Pietersz. Meerhuysen, De geest van Jan Tamboer of Uytgeleeze stoffe voor de klucht-lievende ionckheydt, Amsterdam, 1659, drie delen
Commentaar
1659
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:22