Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

TAMB144 - Van de Schaper die Rijmde.

Een mop (kluchtboek), 1659

Hoofdtekst

Van de Schaper die Rijmde.
Een seker Weert, woonende in't Sicht van Munster, die veele kost-gangers hield', onder [p. 132] allen oock een Pape, die oock groote gemeenschap met des Weerts Dochter hadde, so ghebeurden het op een avondt, dat daer veel vreemde gasten waren, en nae gedaene maeltijdt werde daer om ghestemt dat men soude een Levertjen uyt gheven; soo moeste dan Heerom de eerste wesen, die doen uyt gaf, mijn Levertjen is van een Hoen, en van gheen Visch, ick sitte by mijn soete lief aan de disch; sittende by des Weerts Dochter aen de disch, ende de andere gasten leverden al rondtom, tot dat het eyndelick aen de Schencker quam, die oock mede des Weerdts Schaep-herder was, die aldus rijmde: Mijn Levertjen is van een Hoen, en van geen Rhee, ick bond mijn Wijf gister avondt de duymen aen de groote tee, ende de Tafel op-genomen zijnde, ginck een yeder nae sijn slaep-plaets, de Schaeper ginck nae sijn stal, om te sien ofter oock een plaets was daer de Wolf in breecken kon: De Pape niet denckende op de Schaep-herder, quam met sijn Liefste ook in de selve Stal, om haer wat in 't oor te luysteren, daerse haer water uyt maeckt; haer vragende, Liefste, hoe sal ick u best leggen? Sy antwoorde, als de Schaper rijmde: De Paep daer over verwondert wesende, toogh twee Nestels uyt sijn Broeck, bondt haer aen elcke Toon een Duym; De Schaper begon doe rumoer te maken, en riep, een Wolf in de Stal, een Wolf in de Stal. De [p. 133] Pape trock doen op de loop, en de Waerdt quam van 't bedde af loopen, en vraeghde, wat is hier te doen? De Schaper seyde, och Heerschop! hier is een wolf in de stal geweest, siet wat een logh heeft hy dit schaep gebeten, daer lagh sijn lieve Dochter met de Quantemolevestis bloot; men kan wel dencken wat de Vader docht, doen hy sijn Dochter soo vondt liggen, en wat haer drinck geldt was.

Beschrijving

Na een goede maatijd worden levertjes (rijmpjes) gemaakt. Een schaapherder heeft een rijmpje over een vrouw die hij de duimen aan de tenen vastbond. Later op de avond gaan de dochter van de waard en de priester naar de stal. De dochter wil graag doen wat er in het rijmpje van de schaapherder gebeurde.

Bron

Jan Pietersz. Meerhuysen, De geest van Jan Tamboer of Uytgeleeze stoffe voor de klucht-lievende ionckheydt, Amsterdam, 1659, drie delen

Commentaar

1659
Levertje: Een in de zeventiende eeuw gebruik ter gelegenheid van vrolijke maaltijden. Men gaf een stukje 'lever' door waarbij iedere aanzittende een rijmpje moest maken waarin het woord 'lever' voorkwam. Niet zelden werden daarbij obscene toespelingen en woordspelingen gemaakt.

Naam Locatie in Tekst

Munster    Munster   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:22