Hoofdtekst
225 ¶ Het vij. capittel.
"Als een vrou kint draecht, ende men weten wil weder si een sone
draecht oft een dochter, so salmen op haer hoeft wat souts
leggen als si slaept, dats sijs niet en weet, ende den naem die
si eerst noemt na dat si ontsprinct, yst een man, so salt een
230 soen sijn, ende ist een vrou, so salt een dochter sijn." (Glose)
"Dat selfde gebuerde mi, doen ic droech Lizen Vroech Rype, mijn
dochtere." Doen seide Griele vanden Solder: "Dat leerde mi mijn grote
moeder, dye seer out ende wijs was."
"Als een vrou kint draecht, ende men weten wil weder si een sone
draecht oft een dochter, so salmen op haer hoeft wat souts
leggen als si slaept, dats sijs niet en weet, ende den naem die
si eerst noemt na dat si ontsprinct, yst een man, so salt een
230 soen sijn, ende ist een vrou, so salt een dochter sijn." (Glose)
"Dat selfde gebuerde mi, doen ic droech Lizen Vroech Rype, mijn
dochtere." Doen seide Griele vanden Solder: "Dat leerde mi mijn grote
moeder, dye seer out ende wijs was."
Beschrijving
Maandag, zevende kapittel. Door op het hoofd van een slapende, zwangere vrouw zout te strooien, wordt het geslacht van haar ongeboren kind bekend. Als zij wakker wordt en eerst een meisjesnaam zegt dan wordt het een dochter. Zegt de zwangere vrouw eerst een jongensnaam dan wordt het een zoon.
Bron
G.J.Boekenoogen (ed.): Die evangelien vanden spinrocke. 's-Gravenhage 1910 (facsimile)
Commentaar
ca. 1520
Naam Overig in Tekst
Lizen Vroech Rype   
Griele vanden Solder   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
