Hoofdtekst
In Ees woonde een paartje, dat was pas getrouwd. Ze gingen 's avonds naar bed, maar er gebeurde niks.
De man deed helemaal niets. De tweede nacht was het al net zo en de derde nacht deed hij weer niks.
Toen dacht dat vrouwtje: "Ik zal hem wel krijgen."
Ze verdeelde het bed in tweeën. Waar zij moest liggen was beddegoed en waar hij kwam te liggen had ze stro neergelegd.
Toen hij dat zag zei die: "Wat heb je nou gedaan, wat heeft dat te betekenen?"
Ze zei: "De doden horen op stro te liggen."
De andere dag ging hij naar de drogist en haalde daar een grote pleister vandaan en plakte die 's nachts voor de geslachtsdelen van zijn jong vrouwtje.
De volgende dag zei ze: "Wat heb je nou gedaan?"
Hij zei: "Bij een dode horen de blinden dicht te zijn."
De man deed helemaal niets. De tweede nacht was het al net zo en de derde nacht deed hij weer niks.
Toen dacht dat vrouwtje: "Ik zal hem wel krijgen."
Ze verdeelde het bed in tweeën. Waar zij moest liggen was beddegoed en waar hij kwam te liggen had ze stro neergelegd.
Toen hij dat zag zei die: "Wat heb je nou gedaan, wat heeft dat te betekenen?"
Ze zei: "De doden horen op stro te liggen."
De andere dag ging hij naar de drogist en haalde daar een grote pleister vandaan en plakte die 's nachts voor de geslachtsdelen van zijn jong vrouwtje.
De volgende dag zei ze: "Wat heb je nou gedaan?"
Hij zei: "Bij een dode horen de blinden dicht te zijn."
Beschrijving
Een vrouw die pas getrouwd is is erg verbolgen dat haar man geen geslachtsgemeenschap met haar wil hebben en legt voor straf stro in zijn gedeelte van het bed neer. Als de man vraagt wat dat te betekenen heeft, zegt de vrouw 'De doden horen op stro te liggen'. De man spoedt zich hierop naar de drogist om een grote pleister te halen. De man plakt de pleister voor de geslachtsdelen van zijn vrouw omdat 'bij een dode de blinden dicht horen te zijn'.
Bron
Collectie Jaarsma, verslag 1216, verhaal 11 (archief MI)
Commentaar
6 september 1979
Naam Overig in Tekst
Ees   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
