Hoofdtekst
Van het Ursulinenklooster te Warmond liep, zei men, een onderaardse gang tot de kerk, om daar bij het "beenderhok", waar de opgegraven beenderen en schedels werden bewaard, te eindigen. In 1880 vertelde een oude man, die er als kind vaak was ingekropen, dat de ingang toen reeds lang was dichtgemaakt. Anderen zijn in deze onderaardse gang doorgedrongen door het openen van een luik in de vloer van het beenderhuis en het afdalen van een ladder van veertien sporten. Ze zagen beneden een houten deur die ze openkregen en die toegang gaf tot een verwulfde gang, die ongeveer twee meter breed en drie meter hoog was. De wanden waren met verglaasde tegels bedekt en het gewelf was wit gepleisterd, maar de gang was slechts enkele meters ver begaanbaar.
In de Burcht te Leiden was in een boomgaard een brede, diepe put. Daar begon, meende men in de zeventiende eeuw, een onderaardse gang, die doorliep tot het "wapenhuys der Romeynen na by Cat-wijck."
(Warmond, Leiden, Katwijk)
Onderwerp
SINSAG 1236 - Der unterirdische Gang. Belagerte entkommen.   
Beschrijving
Bron
Commentaar
Naam Overig in Tekst
Ursulinenklooster   
Burcht   
Romeinen   
Cat-wijck   
Romeynen   
Naam Locatie in Tekst
Warmond   
Leiden   
Katwijk   
Plaats van Handelen
Warmond (Zuid-Holland)   
Leiden (Zuid-Holland)   
Katwijk (Zuid-Holland)   
Kloekenummer in tekst
E138a   
E167   
E134   
