Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

BOEKV105 - Van den hoed die betaalt.

Een mop (tijdschriftartikel), donderdag 02 april 1903

Hoofdtekst

Van den hoed die betaalt.

Er waren eens 50 studenten en die gingen met mekaar uit. Ze schepten den boel op en gingen toen naar een herberg, waar ze braaf wat verteerden. Toen ze weg wilden gaan, zouden ze betalen, maar een van hen draaide zijn hoed op zijn hoofd om en de kastelein zei: "'t Is al verrekend." Daar hadden ze natuurlijk niets tegen, maar ze vonden het toch raar. Ze kwamen in een tweede herberg, en daar ging het net zoo. Hij draaide zijn hoed om en de kastelein zei weer: "'t Is verrekend." Toen het de derde keer weer zoo ging, wilden ze zijn hoedje koopen. "Dat kan, maats," zei hij, "voor f 1000." Nou, ze wilden voor f 500, maar op het laatst gingen ze er toch op in en betaalden f 1000.
Toen zouden ze den volgenden dag het er eens van nemen. Ze gingen naar een herberg, aten en dronken wat ze konden en lieten zich alles goed smaken. "Hoeveel geld?" zeiden ze tot den kastelein, en ze draaiden met het hoedje. "Laat ers kijken," zei die, "50 personen, dat is f 100." Dat viel bitter tegen; maar of ze al draaiden, het gaf niets: ze moesten opdokken.
Wat was nou het geval? De eerste student had ze bij het lijf gehad. Hij was vooraf in de herbergen geweest en had vooruit betaald, om zoodoende goed geld voor zijn hoedje te krijgen.

Onderwerp

AT 1539 - Cleverness and Gullibility    AT 1539 - Cleverness and Gullibility   

ATU 1539 - Cleverness and Gullibility.    ATU 1539 - Cleverness and Gullibility.   

Beschrijving

Vijftig studenten verteren het nodige in een herberg. Eén student werpt zich op om af te rekenen. Hij draait zijn hoed in de rondte en de kastelein zegt dat het verrekend is. In de tweede herberg herhaalt zich dit tafereel. De andere studenten willen nu de hoed kopen en betalen er een omvangrijke som geld voor. Bij een volgende bezoek aan de herberg draaien ze met de hoed, maar de kastelein zegt desondanks dat ze hun verteringen moeten afrekenen. De eerste student blijkt een grap met hen te hebben uitgehaald: hij had de kasteleins van tevoren betaald om zo de hoed voor veel geld te kunnen verkopen.

Bron

G.J. Boekenoogen 'Nederlandse sprookjes en vertelsels' in: Volkskunde 18 (1906), pp. 26-27 N°79

Commentaar

[2 april] 1903
[Informant uit Uitdam (90 jaar oud)]
vgl. CBAK0388
Cleverness and Gullibility

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20