Hoofdtekst
Van den rentmeester.
Die .CLXVII. cluchte.
Daer was eenen heer dye eenen rentmeester hadde. Als hy met hem rekenen woude en cost dye rentmeester geen rekeninghe gheven. Dye heer seyde: 'Ick wil u acht daghen tijt gheven dat ghi my die rekeninghe in gheschrift gheven cont.' Dye rentmeester dede 't ende begost uut dat boeck te lesen: 'Item XL, gulden voor mostaert.' Dye heer seyde: 'Het is ghenoch, ick en begheer gheen rekeninghe van u. Segt my in eender sommen wat ick u schuldich ben. Hebbe ick XL gulden mostaert verteert, wat hebbe ick dan eerst in vleesch ende andere dinghen verteert.'
Die .CLXVII. cluchte.
Daer was eenen heer dye eenen rentmeester hadde. Als hy met hem rekenen woude en cost dye rentmeester geen rekeninghe gheven. Dye heer seyde: 'Ick wil u acht daghen tijt gheven dat ghi my die rekeninghe in gheschrift gheven cont.' Dye rentmeester dede 't ende begost uut dat boeck te lesen: 'Item XL, gulden voor mostaert.' Dye heer seyde: 'Het is ghenoch, ick en begheer gheen rekeninghe van u. Segt my in eender sommen wat ick u schuldich ben. Hebbe ick XL gulden mostaert verteert, wat hebbe ick dan eerst in vleesch ende andere dinghen verteert.'
Beschrijving
Een man vroeg aan zijn rentmeester om een rekening. De rentmeester ging aan de slag en las uit het boek post nummer zestig voor en zei: "Post zestig gulden voor mosterd." De man dacht dat hij zestig gulden aan mosterd had uitgegeven, en wilde daarom liever een totaalrekening. Hij wilde niet weten wat hij dan aan andere dingen had uitgegeven.
Bron
H. Pleij, J. van Grinsven, D. Schouten & F. van Thijn: Een Nyeuwe Clucht Boeck. Een zestiende-eeuwse anekdotenverzameling. Muiderberg 1983.
Commentaar
1554
Bron: Pauli, Schimpf und Ernst 354
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:22