Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

CJ096612

Een mop (mondeling), zondag 07 januari 1973

Hoofdtekst

Jan Tsjoelker fan 'e Rottefalle fortelde:
Jan brocht sneins altyd de krante by de doomny yn Surhuzum. Dy doomny wie âld-feint en hy wenne mei syn suster, dy't âld-faem wie.
Op in snein brocht Jan de krante dêr wer hinne. De suster nom him oan.
"Moai weer, Jan, hè?" sei se.
"Ja," sei Jan, "in merakel, sok moai waer."
"Een mirakel, dat mag je niet zeggen. Onze lieve Heer verkoopt geen mirakels", sei se.
"O né?" sei Jan, "hwat ha jo dan ûnder 'e skelk?"

Beschrijving

Jan Tsjoelker bracht de krant rond bij de dominee en zijn zuster, die samenwoonden en allebei vrijgezel waren. Op een dag bracht Jan de krant en gaf hem aan de zuster. Jan noemde het mooie weer een 'mirakel' . Volgens de zuster verkoopt Onze lieve Heer geen mirakels, maar Jan zag er wel een onder haar schort.

Bron

Collectie Jaarsma, verslag 966, verhaal 12 (archief Meertens Instituut)

Commentaar

7 januari 1973

Naam Overig in Tekst

Jan Tsjoelker    Jan Tsjoelker   

de Rottefalle    de Rottefalle   

God    God   

Onze Lieve Heer    Onze Lieve Heer   

Naam Locatie in Tekst

Surhuzum    Surhuzum   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:21