Hoofdtekst
Op in kear kaem Hindrik Pikelhearring yn 'e winkel fan Van Houten.
Van Houten wie in moaiprater en hy sei tsjin Hindrik: Nou, Hindrik, nou moesten jou in mooi riemke voor mij maken.
Earst woe Hindrik it net, mar op 't lêst sei er: "nou, een kleintje dan. Maar 't is eigenlijk een gebed."
En doe sei er:
O God, vergeef Van Houten zijn zonden,
voor zijn te korte ellen en te lichte ponden.
Van Houten wie in moaiprater en hy sei tsjin Hindrik: Nou, Hindrik, nou moesten jou in mooi riemke voor mij maken.
Earst woe Hindrik it net, mar op 't lêst sei er: "nou, een kleintje dan. Maar 't is eigenlijk een gebed."
En doe sei er:
O God, vergeef Van Houten zijn zonden,
voor zijn te korte ellen en te lichte ponden.
Beschrijving
Winkelier Van Houten vroeg aan Hindrik Pikelhearring een rijmpje voor hem te maken. Na enige tegenwerpingen wilde Hindrik Pikelhearring wel één maken, maar dat was eigenlijk een gebed.
Bron
Corpus Jaarsma, verslag 1053, verhaal 3 (archief Meertens Instituut)
Commentaar
4 augustus 1973
Naam Overig in Tekst
Hindrik Pikelhearring   
Hendrik Pekelharing   
Van Houten   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
