Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

ZEEUW060 - Schatsagen

Een sage (boek), 1923 - 1932

Hoofdtekst

Schatsagen

Op een der hoeven van den Teekenburg onder Kapelle, woonde op het laatst der achttiende eeuw de oude Vlasman. Eens verkocht hij een flinken lap grond en trok naar Goes om het geld in ontvangst te nemen.
't Was een rare tijd, die Fransche tijd; veilig was je nooit op het platteland. Daarom beloofden de boeren van een buurtschap elkaar wederkeerig hulp, wanneer een van hen door een bende zou worden overvallen. Vlasman zorgde dus voor donker thuis te zijn, en daar verborg hij den schat: 500 Vlaamsche ponden in grof goud- en zilvergeld, in een korenzak, niemand wist waar. Maar wat gebeurt er! Op een middag toen het gezin aan tafel zat, kreeg hij een toeval, en was op slag dood.
Korten tijd daarna overnachtte een rietdekker uit Oudelande, die het dak hersteld had, in de schuur. Daar zag hij, klaar als de dag, hoe een man, als boer gekleed, door de schuur ging, en zich naar achteren begaf. De rietdekker, die meende dat het een gewoon mensch was, ging hem achterna en wilde juist de hand op zijn schouder leggen, toen de grond zich opende, en de gedaante verzonk. Verbijsterd van schrik rende de rietdekker uit de schuur en was niet meer te bewegen daar een nacht door te brengen.
Twee voerlui, die op de hoeve gerooide boomen moesten halen voor een wagenmaker uit Heinekenszand overkwam hetzelfde, en de vrouw van een latere bewoner is er zoo door ontsteld, dat ze er niet meer wilde blijven wonen.
Tot zoover Lena, de achterkleindochter van Vlasman.
Anderen vertellen dat er een bocht was in de paardenstal, waar geen paard in te houden was. De dieren wilden dan alles stuktrappen en kapotbijten; 't zweet stond op hun lijf. Willem van Dijke, een van de latere bewoners, heeft op die plek een schat ontgraven.

[In tallooze varianten spreekt onze volkssage over de arme zielen, die de schatten moeten bewaken, die ze tijdens hun leven begroeven. Want waar de mensch eens kwaad bedreef, daarheen wordt de geest met onweerstaanbare kracht getrokken, daar doolt ze klagend en "lamenteerend" om. Eerst als de schat gevonden is, als het geld weer door de wereld rollen kan, vindt de doode rust in het graf.

De Christelijke leer van het vagevuur heeft deze gedachte, die reeds in heidensche tijden bestond, vorm en kleur gegeven.
Maar waar elders het welgemeende "Goddank ik ben verlost" klinkt, is in deze verhalen de geest vertoornd en wreekt zich. Het Zeeuwsche volkskarakter, met zijn groote deugd, spaarzaamheid, weerspiegelt zich in zijn sagen.]

Onderwerp

SINSAG 0401 - Der verborgene Schatz.    SINSAG 0401 - Der verborgene Schatz.   

Beschrijving

Een man verbergt zijn schat en sterft voor hij de plek kan onthullen. Na zijn dood komt hij spoken. Op de plek in de paardenstal, waar geen paard te houden is, graaft een latere bewoner een schat op.

Bron

J.R.W. en M. Sinninghe: Zeeuwsch sagenboek. Zutphen 1933, p. 65-67

Commentaar

voor 1933
Der verborgene Schatz.

Naam Overig in Tekst

Teekenburg    Teekenburg   

Vlasman    Vlasman   

Franse    Franse   

Vlaamse    Vlaamse   

Lena    Lena   

Willem van Dijke    Willem van Dijke   

Naam Locatie in Tekst

Kapelle    Kapelle   

Goes    Goes   

Oudelande    Oudelande   

Heinekenszand    Heinekenszand   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20