Hoofdtekst
Hengist en Horsa waren twee koningen der wilde, wreede Slaven 1), die uit het land moesten trekken. Met drie schepen voeren ze naar Engeland, vanuit de Saxhaven, die naar Hengist is genoemd: Hengstdijk.
Toen de Britsche koning Vortigern vernam dat zij geland waren, ging hij hen tegemoet. Daar hij wel aan de twee sterke strijders zag, wat ze waard waren, begroette hij hen vriendelijk, en vroeg hen, waarom zij dus gewapend met hun volk naar zijn land gekomen waren.
Hengist. die de oudste was, vertelde wie ze waren en vanwaar ze kwamen, onder Wodan's geleide, en beloofde hem te helpen tegen zijn vijanden.
Als de koning den naam van Wodan hoorde, vroeg hij naar hun godsdienst, en vernemend dat ze heidenen waren, zei hij: "Door uw geloof — dat niet is dan ongeloof — ben ik bedroefd, maar door uw komst verblijd, omdat ik vele vijanden heb, en zoo gij mij trouw wilt dienen, zal ik u rijk beloonen." Waarop Hengist en de zijnen hem trouw zwoeren.
Korten tijd daarna zijn de Schotten en Picten in het land van den koning gevallen, maar door den moed van hem en zijn mannen-van-wapenen werden zij met grooten verliezen geslagen.
De sluwe Hengist won zoo de vriendschap van den ouden zwakken koning en omdat de Schotten steeds weer uit hun bergdorpen in de vlakte vielen, bood hij aan, nog meer van zijn volk te laten komen.
Ook vroeg hij een plek land, zoo klein, dat hij het met een ossenhuid kon omspannen. Dat werd dadelijk toegestaan. Hengist sneed toen de huid in smalle riemen, en zoo kreeg hij een groot gebied, waarin hij een stad bouwde: Ossenburg, volgens anderen Cancastre (Lancaster).
Toen de stad gebouwd was, is wederom een groote schare gewapenden gekomen, die Hengist allen in de nieuwe stad deed wonen. onder hen was de zeer schoone maagd, Roxina, zijn nicht.
Weldra noodigde hij den koning uit zijn nieuwe stad te komen zien, wat die onmiddellijk deed. Tegen het einde van het feestmaal kwam de schoone Roxina in de zaal; zij droeg een gouden beker vol rooden wijn, boog zich voor den koning en sprak: "Du leaver King, wacht heil!"
De koning, die 't niet verstond, vroeg aan zijn kamerling wat ze gezegd had, en die antwoordde: "Zij noemt u koning, en verlangt, dat gij heil van haar zult verwachten. Zeg daarom: trinkt heil!" Dat deed de koning, de maagd dronk, en reikte hem den beker, nadat ze hem, naar 's lands wijs, had gekust.
De oude koning ontbrandde in liefde voor haar, en vroeg haar aan Hengist tot vrouwe. Lang hield de aanvoerder der Slaven raad met zijn broeder en andere heeren, en hij stond haar niet af voor de koning hem de landstreek Cantuarië (Kent) gegeven had.
En de koning nam Roxina tot vrouwe, en had haar zeer lief.
De zonen van den koning en de edelen waren woedend over de afstand van het land, en eischten van hem dat hij de vreemdelingen uit het land zou zetten. Daar hij er niet in wilde toestemmen, onttroonden ze hem ter wille van zijn oudsten zoon; en allen trokken op tegen Hengist en de zijnen.
In den verschrikkelijken slag die volgde, werd Horsa gedood en de Slaven her en der verspreid en de meesten uit Brittannië verdreven.
Kort daarop is de nieuwe koning door gif omgekomen en de oude Vortigern kwam weer aan het bewind. Op raad van Roxina ontbood hij dadelijk Hengist, maar in het geheim en met weinig volk.
Hengist kwam, maar met vele schepen; waarop de edelen hem weer uit het land wilden jagen. Dat vernam Roxina en ze deed 't hem weten, zoodat hij bode op bode aan den koning zond, om hem te zeggen, dat hij niet gekomen was om aan te vallen, maar om te vragen of hij geen mannen noodig had om de grenzen te beschermen.
In zijn onnoozelheid wilde koning Vortingern met Hengist onderhandelen over het aantal krijgers dat hij in dienst zou nemen. Op den eersten Mei wachtte hij hem te Ambren.
Hengist beval echter zijn Slaven om ieder een goed zwaard bij zich te dragen, en, wanneer hij zeggen zou: "Nimath ure saxas!", dan zouden ze hun zwaarden trekken en de Britsche edelen dooden. Zoo geschiedde het. Vier honderd en vijftig edelen lieten het leven en de koning werd gevangen genomen. Hij moest zijn leven duur betalen, en aan Hengist al de landen en steden van zijn rijk afstaan.
Zoo werd Hengist koning van Brittannië.
1. Anderen zeggen der Neder-Sassen of der Friezen.
Beschrijving
Bron
Commentaar
Naam Overig in Tekst
Hengist   
Slaven   
Vortigern   
Wodan   
Picten   
Ossenburg   
Cancastre   
Roxina   
Cantuarië   
Brittannië   
Ambren   
Naam Locatie in Tekst
Horsa   
Engeland   
Saxhaven   
Hengstdijk   
Brits   
Schotten   
Lancaster   
Kent   
