Hoofdtekst
Porcius Cato, de soon van Cato Uticensis, was in Cappadocia gelogeert bij eenen
Marphadates, die een schoone vrouw hadde, daer hij niet wel kost afscheyden. De spreeuwen seyden daerop: 'Morgen sal Cato vertrecken, nae 30 daegen. ' En als hij al geduyrig uytstel socht, seyden sij: 'Porcius en Marphadates zijn 2 vrienden met eene ziel, de vrouw heete Psyche.'
Marphadates, die een schoone vrouw hadde, daer hij niet wel kost afscheyden. De spreeuwen seyden daerop: 'Morgen sal Cato vertrecken, nae 30 daegen. ' En als hij al geduyrig uytstel socht, seyden sij: 'Porcius en Marphadates zijn 2 vrienden met eene ziel, de vrouw heete Psyche.'
Beschrijving
Porcius Cato had er veel moeite mee om afscheid te nemen van de mooie vrouw van Marphadates, toen zijn bezoek daar ten einde kwam. De spotters zeiden, dat Porcius en Marphadates twee vrienden met een ziel waren. Marphadates' vrouw heette namelijk Psyche.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Naam Overig in Tekst
Porcius Cato   
Cato Uticensis   
Marphadates   
Psyche   
Naam Locatie in Tekst
Cappadocia   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
