Hoofdtekst
Als Stratonicus te Miletum quam, daer soo een rapsodia van menschen woonden, sag hij dat alle de graven opschriften van vreemdelingen hadden. 'Jongen', seyde hij. "t is tijdt dat wij vertrecken, ick sie dat de doodt sich hier met de vreemdelingen vergenoegt, ende de burgers vrij laet.'
Beschrijving
Stratonicus zag dat in Miletum alle graven de opschriften van vreemdelingen hadden. Stratonicus wilde toen graag weer vertrekken: de dood vergenoegde zich daar met vreemden, en liet de burgers met rust.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Naam Overig in Tekst
Stratonicus   
Miletum   
Naam Locatie in Tekst
Milete   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
