Hoofdtekst
lemandt die een moy meysjen bestruyft hadde, hoorde dapper de grammatica, als men hem seyde: 'Hoe dorst ghij het bestaen, dacht ghij niet dat het eens soude haperen?' R. 'Het is alsser staet in L. 13: D. ad leg. Aquil.: Nemo est dominus membrorum suorum.'
Beschrijving
Iemand sprak een man aan op het feit dat hij een meisje zwanger had gemaakt. Hij antwoordde daarop met een passende Latijnse passage, die vertaald kan worden met: niemand heeft controle over zijn eigen lichaamsdelen.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20