Hoofdtekst
Gillis van Os, 's avonds tot Haerlem over de gemeene tafel sittende, hadde het machtig geladen op de catholycken en spotte vooral leelijck met de miraculen. Wat dat men hem voorsloeg, het waeren al beuselingen. Met al dat drayen en disputeren raeckte hij droncken te bedde en aen 't spuwen. Daegs daeraen: R. 'Wel, wat segt ghij nu? Te nacht is hier noch binnen Haerlem een mirakel gebeurt.' R. 'Dan sal ik strax catholyx worden.' R. 'Een os heeft een kalf gebaert' R. 'Dat u de etc.'
Beschrijving
Gillis van Os had het niet zo op katholieken en spotte op een avond met wonderen. 's Nachts werd hij dronken en gaf over. Iemand zei hem de volgende dag dat er wel een wonder gebeurd was die nacht in Haarlem. Gillis zei dat hij dan meteen katholiek zou worden. Het wonder was, dat die nacht een os een kalf had gebaard.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Naam Overig in Tekst
Gillis van Os   
Haerlem   
Naam Locatie in Tekst
Haarlem   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
