Hoofdtekst
Een bidder ter begraeffenisse, die een stuck van een verlopen student was, las altoos uyt sijn rouwceelen, soo Romeynsch als hij mogt. Als onder anderen op een begraeffenisse daer de professor Barlaeus, doctor De Vick en mijnheer Sterck waeren, riep hij op: 'Heer professor Barlesius, de heer doctor Dévick, de heer Stercus.'
Beschrijving
Bij het oplezen van een begrafenisrede schoot een jongen een beetje door toen hij zo Romeins mogelijk wilde klinken. De namen van Barlaeus, doctor De Vick en Sterck las hij op als: Barlesius, Dévick, Stercus.
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
Naam Overig in Tekst
Romeynsch   
Romeins   
Barlaeus   
De Vick   
Sterck   
Barlesius   
Dévick   
Stercus   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
