Hoofdtekst
Als men in geselschap sprack en snoefde, den eenen van 4, den anderen van 6,7, 8 à 10 mael op te sitten, riep er een lichtmis die in dien krijg een groot stuck van sijn capt. quijt geraeckt was: 'Haegenevelt, van opsitten, ick heb in mijn tijt tot Amsterdam etc.' R. 'Jawel, ick souw het op dese man sijn hand wel derven houden, want ick weet dat hij w.. kan datter 't endt van weg is.'
Beschrijving
Mannen scheppen op over hoe lang ze kunnen 'opzitten'. Een man die in de oorlog een deel van zijn geslachtsdeel is kwijtgeraakt, probeert iedereen te overtroeven. Iemand zegt hem wel te geloven, want hoe is hij anders een deel van zijn geslacht kwijtgeraakt?
Bron
Aernout van Overbeke, Anecdota sive historiae jocosae. Ed. R. Dekker, H. Roodenburg en H.J. van Rees. Amsterdam 1991
Commentaar
Derde kwart zeventiende eeuw
opzitten betekent hier zowel: wakker zijn als iemand beslapen.
Naam Overig in Tekst
Haegenevelt   
Naam Locatie in Tekst
Amsterdam   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
