Hoofdtekst
Zoo zijn er.
Een man met één oog trouwde zijnen bruid voor maagd, maar toen hij dit anders bevond, zocht hij dadelijk ongenoegen daarover. 'Wel,' zeide zijn vrouw, 'wilde gij mij zonder gebrek hebben, daar gij toch maar één oog hebt.' 'Dat heeft mij de vijand gedaan,' antwoordde de man; 'en mij, mijn vriend,' zeide de vrouw, 'dat is dus nog veel slimmer.'
Een man met één oog trouwde zijnen bruid voor maagd, maar toen hij dit anders bevond, zocht hij dadelijk ongenoegen daarover. 'Wel,' zeide zijn vrouw, 'wilde gij mij zonder gebrek hebben, daar gij toch maar één oog hebt.' 'Dat heeft mij de vijand gedaan,' antwoordde de man; 'en mij, mijn vriend,' zeide de vrouw, 'dat is dus nog veel slimmer.'
Beschrijving
Man die zijn ongenoegen uit dat zijn bruid geen maagd meer is, krijgt als antwoord of zij geen gebrek zou mogen hebben terwijl hij maar één oog heeft. Op zijn opmerking dat dat komt door de vijand, antwoordt de vrouw dat dat bij haar door een vriend is gedaan en dus veel erger is.
Bron
Collectie Boekenoogen (archief Meertens Instituut)
Commentaar
1859
uit: Knollen en Citroenen, Souvenir de Kermis 1859, Amsterdam, D. Allart, p. 16 uit het Fransch vertaald
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:22