Hoofdtekst
Op een nacht brak Kobus van der Schlossen in Ravenstein in bij een rijke woning. Toen hij met zijn buit wilde vertrekken begon er opeens een hond te blaffen en al snel verschenen mensen op straat om te zien wat er aan de hand was. De roverhoofdman ging op de vlucht, maar op de kinderkopjes van de Ravensteinse straten schoot hij niet echt op. Toen zag hij een kar voorbij rijden, volgeladen met zakken meel. Snel sprong hij daar achter op en verborg zich.
Toen de kar de stadspoort uit reed werd hij wel doorzocht, maar niemand die Kobus zag. En dat was geen wonder, want hij had zich in een meelzak veranderd.
Toen de kar de stadspoort uit reed werd hij wel doorzocht, maar niemand die Kobus zag. En dat was geen wonder, want hij had zich in een meelzak veranderd.
Beschrijving
Een rover heeft ingebroken in een rijke woning, maar wordt verraden door een blaffende hond. Hij vlucht met zijn buit, en verstopt zich op een kar met meelzakken. Bij de controle aan de stadspoort wordt hij niet gezien, omdat hij zich heeft omgetoverd in een zak meel.
Bron
Ingezonden in de Nederlandse Volksverhalenbank van het Meertens Instituut
Commentaar
2005-09-16 13:55:30
Naam Overig in Tekst
Kobus van der Schlossen   
Naam Locatie in Tekst
Ravenstein   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
